November Music: Colours of Improvisation

Onder de noemer Colours of improvisation stonden vrijdagavond 9 november 2013 in de Grote Zaal van de Verkadefabriek: Rembrandt Frerichs Trio ft. Kayhan Kalhor, Zapp4 ft. Jan Bang en Nik Bärtsch’s Ronin.

Improviseren kent vele vormen, maar helemaal vrij is het nooit. Zo moet er bijvoorbeeld rekening gehouden worden met een bepaald idioom waarin gespeeld wordt, gelden er bepaalde afspraken of worden er vrijplaatsen gecreëerd binnen een gegeven structuur. Improviseren is wel altijd nieuw en anders. Geen enkel optreden is hetzelfde. Vaak is het spannend, vooral als het een samenwerking betreft die pas in het leven geroepen is. Zo heeft November Music het Rembrandt Frerichs Trio en Zapp4 gekoppeld aan de improvisatoren Kayhan Kalhor en Jan Bang.

Fortepiano trio

Om te kunnen communiceren met de kemanche van de Iraanse musicus Kayhan Kalhor is de piano van het Rembrandt Frerichs Trio vervangen door de fortepiano en harmonium. Ook Kalhor heeft zich aangepast door niet op de vloer te zitten zoals te doen gebruikelijk in de Perzische klassieke muziektraditie. Dat is belangrijk want tijdens het spelen hebben de muzikanten oogcontact en dat werkt beter op gelijke hoogte. Kalhor speelt zachte flageoletten, tokkelt of gebruikt de vedel als percussie-instrument. Wanneer hij voluit speelt, herken je meteen de diep-melancholische lyriek uit de Perzische klassieke muziek. Het trio van Rembrandt Frerichs heeft altijd al een open oor gehad voor de muziek uit het Midden-Oosten en buigt soepel mee. Het optreden verloopt in golven. Het begint zacht en klein en expandeert naar een groot en breed geluid door de kleurrijke drums van Vinsent Planjer, het bijna kanun-achtige geluid van de fortepiano en de inventieve contrabas van Tony Overwater. Ook de solo’s deinen mee in de golven. Mooi aan dit samenspel is het egalitaire karakter. Niemand speelt een hoofdrol. Het geheel ademt een serene rust. Totdat het dwarse jazz idioom het overneemt en later een Midden-Oostenachtig ‘lied’ wordt ingezet. De grenzen – weliswaar met een stippellijn – verdwijnen kennelijk niet geheel.

Toveren met geluiden

Zapp4 en de Noorse sample-specialist Jan Bang hebben gekozen voor een heel andere aanpak. Het strijkkwartet begint from scratch te spelen en Bang pikt er onmiddellijk geluiden uit die hij manipuleert en terugkaatst. Daar reageert Zapp4 vervolgens op. Als luisteraar zit je op het puntje van je stoel om te volgen wie op wat reageert. Ook hier vinden er golfbewegingen plaats. Van klein, zoekend en zacht naar orkestraal groot en weer terug. De opstelling is perfect. De musici zitten – en Bang staat – in een halve kring, zodat ze elkaar goed in de gaten kunnen houden. Improviseren doe je niet alleen met het oor maar ook met het oog. Het is een genot om Bang bezig te zien. Terwijl hij luistert, staat hij dansend als een harlekijn razendsnel aan de knoppen te draaien. Hij neemt korte fragmentjes op die er vervormd uitkomen. Soms Varèse-, of Kraftwerkachtig, soms juist ‘akoestisch’ maar dan vermenigvuldigd tot een harmonium, een ouderwets salongeluid, of een heel strijkorkest. De jongens van Zapp4, geoutilleerd in het improviseren waarbij klassiek, pop, jazz niet meer te onderscheiden zijn, dagen Bang uit of verleiden hem om een plukje, tokkel, lijntje of een fragment te samplen. Soms is het proces een beetje traag, maar er zijn ook briljante momenten, zoals een bijna humoristisch stukje met kurkentrekachtige ritmiek en extatische strijkers waarbij Bang steeds heftiger beweegt. Tegen het einde toe lijken de rollen omgedraaid. Zapp4 produceert nu zelf steeds meer vervormde geluiden. Heerlijk om te zien hoe ze elkaar steeds weten te verrassen. Improviseren in zijn puurste vorm.

Nik Bärtsch’s Ronin en het licht

Het kwartet van de Zwitserse Nik Bärtsch is van een heel ander kaliber. Met drummer Kaspar Rast, Sha op baritonklarinet en altsax, bassist Thomy Jordi en toetsenist Nik Bärtsch is het improviseren meer gedetermineerd. Het lijkt alsof alles uitgeschreven staat, hoewel dat maar gedeeltelijk het geval is. Ook hier houden de musici elkaar nauwlettend in de gaten. Nik Bärtsch waarschuwt met een kreet als er iets anders moet gebeuren. Omdat ze zo goed op elkaar zijn ingesteld worden de complexe overgangen en polyritmische grooves met Zwitserse precisie uitgevoerd. Razend knap. Een belangrijke vijfde speler is het licht! Op de juiste momenten veranderen de spots boven of op het podium van lichtsterkte of kleur om het mystieke of dramatische effect te versterken. Bärtsch omschrijft zijn muziek als zenfunk. Hoewel het soms echt heel funky klinkt, is het vooral muziek met ballen, zelfs de ‘zachtere’ repetitieve minimal passages zijn mij iets te weinig zen. Waarschijnlijk omdat vooral de drums en het percussieve pianospel (met af en toe een flinke dreun op de snaren) van Bärtsch overheersen. Wat mist is een feminin touch.

Charlie Crooijmans

Tags: ,

Reageer